2e graad

Biotechnologische STEM-wetenschappen

Je onderzoekt hoe de levende natuur werkt en hoe je die kennis kan inzetten voor mens en samenleving. Biologie, chemie en fysica vormen de basis, wiskunde gebruik je om je metingen te verklaren. Wat je leert, pas je toe in STEM-projecten waarin je zelf ontwerpt, bouwt en test. Labowerk en samenwerken nemen een grote plaats in.

Domein

STEM

Finaliteit

Doorstroom

Voor wie?

Je wil weten hoe de levende natuur werkt en wat je ermee kan doen. Bacteriën die afval afbreken, planten die je resistenter maakt, een proces dat je in een labo kan nabootsen: dat vind je fascinerend. Je bent sterk in biologie, chemie en fysica en je gebruikt wiskunde graag als gereedschap. Je werkt planmatig, je houdt van projecten waarin je zelf iets uitzoekt en bouwt, en je vindt het leuk om samen met anderen naar een oplossing te werken.

Wat verwachten we van jou?

Je moet stevig kunnen studeren, want de theorie achter biologie, chemie en fysica is pittig. Daarnaast verwachten we een echte onderzoekshouding: je stelt vragen, je zoekt zelf op, je test, je meet nauwkeurig en je aanvaardt dat een experiment eerst kan mislukken. In het labo verwachten we dat je de veiligheidsafspraken strikt volgt. En omdat er veel projectwerk is, verwachten we dat je een betrouwbare partner bent in een groep en dat je je deel van het werk op tijd aflevert.

Wat leer je?

  • Biologie, chemie en fysica op een stevig niveau, met veel labowerk.
  • Biotechnologie: hoe je processen uit de levende natuur inzet ten dienste van mens en samenleving.
  • Onderzoeksvaardigheden: een onderzoeksvraag opstellen, een proef ontwerpen, meten, verwerken en besluiten.
  • STEM-engineering en projectmatig werken, waarbij je wetenschappelijke inzichten toepast in iets dat je echt maakt.
  • Wiskunde als taal om wetenschappelijke en biotechnologische vraagstukken te doorgronden.

Wat is het verschil met Natuurwetenschappen?

Beide richtingen zijn theoretisch en bereiden je voor op verder studeren, en in beide zijn biologie, chemie, fysica en wiskunde belangrijk. Het verschil zit in het accent. Bij Biotechnologische STEM-wetenschappen ligt de nadruk sterker op STEM-engineering en projectmatig werken. Je past wetenschap toe in praktijkgerichte projecten en leert daarbij creatief en innovatief denken. Daardoor is er wat minder ruimte voor moderne vreemde talen. Kies je Natuurwetenschappen, dan blijft die talencomponent in de algemene vorming groter.

Wat na deze richting?

In de 3e graad sluit je bij ons het best aan bij Biotechnologische en chemische STEM-wetenschappen, de rechtstreekse voortzetting van deze richting. Wil je het wiskundige en het zuiver wetenschappelijke zwaarder maken, dan is Wetenschappen-wiskunde een sterke keuze. Deze richting leidt niet naar de arbeidsmarkt, verder studeren is het doel.

Vergelijkbare richtingen

Ontdek de verschillen tussen deze richting en vergelijkbare richtingen door ze naast elkaar te bekijken met onze Studievergelijker.

Doorstroom STEM

2e graad

Natuurwetenschappen

De basis biologie, chemie, fysica en wiskunde is vergelijkbaar en beide richtingen zijn theoretisch. Daar blijft de vorming breder met moderne vreemde talen op een volwaardig niveau, hier gaat die ruimte naar STEM-projecten en engineering.

Doorstroom Economie en organisatie

2e graad

Economische wetenschappen

Vergelijkbaar tempo en een even groot wiskundepakket, maar de vraagstukken komen uit de economie. Labowerk en projecten vallen weg, talen krijgen wat meer ruimte.

Dubbele finaliteit Maatschappij en welzijn

2e graad

Maatschappij en welzijn

Ook concreet bezig zijn, maar met zorg en begeleiding in plaats van met proeven en prototypes. Anatomie en fysiologie komen er aan bod, chemie en fysica niet. Het theoretische niveau ligt lager.