Je bestudeert de mens en de samenleving vanuit vier invalshoeken: filosofie, kunst, sociologie en psychologie. Je leert grote vragen stellen over geluk, over goed en kwaad en over de zin van het leven, en je leert kunstwerken lezen binnen hun context. Daarnaast bouw je een wetenschappelijk begrippenkader op om gedrag en samenleving te analyseren. De aanpak is theoretisch en abstract.
Jouw vergelijking
Kom hieronder de verschillen en gelijkenissen tussen jouw gekozen richtingen te weten!
Scroll en kom de verschillen te weten.
De verschillen zijn aangeduid in het roos.
2e graad
Humane wetenschappen
Domein
Maatschappij en welzijn
Finaliteit
Doorstroom
Lessentabel
Vak |
3e jaar |
4e jaar |
|---|---|---|
| aardrijkskunde | 1 | 1 |
| artistieke vorming | 1 | 0 |
| biologie | 1 | 1 |
| chemie | 1 | 1 |
| Engels | 2 | 2 |
| filosofie | 1 | 2 |
| Frans | 4 | 4 |
| fysica | 1 | 1 |
| geschiedenis | 2 | 2 |
| godsdienst | 2 | 2 |
| informatica | 1 | 0 |
| kunstbeschouwing | 0 | 1 |
| leerlab leren | 1 | 0 |
| lichamelijke opvoeding | 2 | 2 |
| Nederlands | 4 | 4 |
| projectuur | 0 | 1 |
| sociologie en psychologie | 3 | 3 |
| wiskunde | 4 | 4 |
| woordkunst | 1 | 1 |
| Totaal | 32 | 32 |
Voor wie?
Je bent gefascineerd door mensen. Waarom doen ze wat ze doen, hoe komt een samenleving tot stand, wat maakt iemand gelukkig? Je stelt graag grote vragen en je neemt geen genoegen met een oppervlakkig antwoord. Je leest en kijkt graag, ook naar kunst, en je vindt het boeiend om te ontdekken wat een werk wil zeggen. Je kan abstract denken, je verwerkt complexe leerstof in een beperkte tijd en je legt vlot verbanden tussen vakken.
Wat verwachten we van jou?
Deze richting is sterk theoretisch, dus je moet stevig kunnen studeren. Teksten lezen, begrippen instuderen, theorieën uit elkaar houden en ze daarna zelf kunnen toepassen op een actueel voorbeeld. We verwachten ook dat je je mening durft te vormen én bij te stellen. In de les komen thema’s aan bod waarover mensen het oneens zijn, en we verwachten dat je daar respectvol en met argumenten over praat. Wie enkel wil weten wat er op de toets komt, haalt hier te weinig uit.
Wat leer je?
- Filosofie: nadenken over de mens, de wereld, goed en kwaad, geluk en zingeving.
- Kunstbeschouwing: kijken en luisteren naar kunst en werken analyseren naar vorm, inhoud, context en functie, binnen een kunsthistorisch kader.
- Sociologie: hoe groepen, instellingen en de samenleving functioneren.
- Psychologie: hoe mensen zich ontwikkelen, denken en zich gedragen, met de klassieke theorieën als vertrekpunt.
- Daarnaast een brede algemene vorming met talen, wiskunde en wetenschappen.
Wat na deze richting?
In de 3e graad kan je bij ons kiezen voor Humane wetenschappen als je het brede en abstracte perspectief wil aanhouden, met filosofie, kunst, politieke en sociale wetenschappen en statistiek. Kies je liever voor een concretere invalshoek met veel aandacht voor gezondheid, welzijn en de mens als organisme, dan is Welzijnswetenschappen de betere match. Ook andere doorstroomrichtingen blijven mogelijk, afhankelijk van je resultaten voor talen en wiskunde.
2e graad
Maatschappij en welzijn
Domein
Maatschappij en welzijn
Finaliteit
Dubbele finaliteit
Je leert werken met en zorgen voor mensen, van kinderen tot volwassenen. Je verdiept je in hoe mensen zich ontwikkelen en gedragen, hoe het lichaam werkt en hoe je iemand begeleidt zonder over te nemen. Die theorie breng je meteen in praktijk bij zorg- en begeleidingsopdrachten in een gezinscontext. Communiceren en observeren oefen je voortdurend.
Lessentabel
Vak |
3e jaar |
4e jaar |
|---|---|---|
| aardrijkskunde | 1 | 1 |
| actualiteit | 1 | 1 |
| artistieke vorming | 0 | 1 |
| Engels | 2 | 2 |
| Frans | 2 | 2 |
| geschiedenis | 1 | 1 |
| godsdienst | 2 | 2 |
| informatica | 1 | 0 |
| leerlab leren | 1 | 0 |
| lichamelijke opvoeding | 2 | 2 |
| maatschappij en welzijn * | 10 | 10 |
| natuurwetenschappen | 2 | 2 |
| Nederlands | 4 | 4 |
| projectuur | 0 | 1 |
| wiskunde | 3 | 3 |
| Totaal | 32 | 32 |
Voor wie?
Je wil graag met mensen werken en je bent benieuwd naar hoe ze in elkaar zitten. Een baby, een kind, een volwassene of iemand op leeftijd: je vindt het boeiend om te ontdekken wat iemand nodig heeft en hoe je daar goed op inspeelt. Je leert het liefst vanuit concrete situaties en je vindt het fijn om iets met je handen te realiseren. Je bent sociaal, je luistert goed en je vindt het niet erg om initiatief te nemen.
Wat verwachten we van jou?
Hier hoort een dubbele inspanning bij. Je oefent praktische vaardigheden, maar je studeert ook stevige theorie over ontwikkeling, gedrag, anatomie en fysiologie. We verwachten dat je die twee met elkaar verbindt en dat je kan uitleggen waarom je iets op een bepaalde manier doet. Verder verwachten we discretie en respect. Je werkt met echte mensen en hun verhaal blijft binnen de groep. Ook verzorgd voorkomen, hygiëne en stiptheid horen bij de basishouding die we vragen.
Wat leer je?
- Gezondheidsbevordering: wat mensen gezond houdt en hoe je dat ondersteunt.
- Ontwikkelingspsychologie: hoe kinderen, jongeren en volwassenen groeien en veranderen.
- Pedagogisch en agogisch handelen: hoe je iemand begeleidt zonder over te nemen.
- Communicatie: gesprekken voeren, observeren, rapporteren en samenwerken.
- Anatomie en fysiologie: hoe het lichaam werkt.
- Indirecte zorg en begeleidingsactiviteiten uitvoeren in een gezinscontext, met oog voor wat iemand wil, kan en nodig heeft.
Wat na deze richting?
In de 3e graad kan je bij ons doorstromen naar Gezondheidszorg, gericht op verzorgende en zorgkundige taken, of naar Opvoeding en begeleiding, gericht op kinderopvang en het begeleiden van mensen met een beperking. Beide zijn dubbele finaliteit, dus je houdt na je zesde jaar de deur open naar zowel werk als hoger onderwijs. Wil je toch liever een sterk theoretische weg, dan is Welzijnswetenschappen een optie mits een gunstig advies.
* Maatschappij en welzijn omvat anatomie en fysiologie, indirecte zorg, gezondheid en welzijn, en (ped)agogisch handelen.