Je hoeft niet te kiezen tussen talen en wetenschappen. Je versterkt je Nederlands, Frans en Engels en verdiept tegelijk je kennis van biologie, chemie en fysica.
2e jaar
Moderne talen en wetenschappen
Voor wie?
Je pikt een taal vlot op en je leest graag, maar je wil ook weten waarom de dingen zijn zoals ze zijn. Je durft spreken in een andere taal, ook als het nog niet perfect loopt, en je vindt het boeiend om een proef op te zetten en je resultaat te verklaren. Kiezen tussen die twee vind je nu nog te vroeg.
Wat doe je in dit keuzegedeelte?
Nog aan te vullen door de school. Te beschrijven: hoe de 5 uur zich verdelen over het talenluik en het wetenschappelijke luik, en welke werkvormen daarbij horen, van gesprekken en teksten tot practica in het labo.
Hoe ziet je week eruit?
Je volgt 27 uur brede basisvorming, waarin 2 uur flex zit voor Frans, Nederlands en wiskunde. De 5 uur die overblijven, besteed je aan je keuzegedeelte.
Wat na dit jaar?
Dit is de breedste keuze van het tweede jaar en ze houdt veel deuren open. In de bovenschool sluit ze aan bij Moderne talen in het domein Taal en cultuur en bij Natuurwetenschappen, en ook de andere doorstroomrichtingen blijven mogelijk.
Naar deze richtingen kan je doorstromen in de Bovenschool
2e graad
Moderne talen
Je versterkt je Nederlands, Frans en Engels en leert daarbovenop Duits. Tegelijk kijk je onder de motorkap van taal zelf: hoe ze werkt, hoe ze verschilt van groep tot groep en welke invloed ze heeft op cultuur en samenleving. Je…
2e graad
Natuurwetenschappen
Je zoekt uit waarom de dingen zijn zoals ze zijn, met biologie, chemie en fysica als vertrekpunt. Je leert experimenteren, meten, redeneren en je eigen resultaten kritisch bekijken. Wiskunde gebruik je om die verschijnselen te beschrijven en te verklaren. Daarnaast…